Back

Candice Breitz

23
Chez Nelly Bruneel
Ferme du Rond-Chêne
Rue du Culot 58
Tourinnes-la-Grosse


Candice Breitz. Extra, 2011. Single-Channel Video. Courtesy: KOW, Berlin

Une sensation singulière se cale incongrûment dans les interstices du récit bien huilé d’une série télévisuelle (Générations, diffusé depuis 1994, l’année où l’Afrique du Sud est devenue une démocratie) de la classe moyenne noire post-apartheid. Une figurante blanche regarde, interroge ou ironise les personnages noirs. Ils ne la voient pas… Ils ne perçoivent pas cette femme qui opère une inversion, dans l’écran du salon, des représentations institutionnelles audiovisuelles de la période de l’Apartheid. Ils ne sentent pas cette présence intrigante qui interroge la légitimité du récit. Elle dérange plutôt le regardeur dont l’œil se focalise sur elle. Les positions étranges de son corps sont subtiles, mais souvent douloureuses. Elles ouvrent des voies souterraines au récit. Les fragments de son corps sont, quant à eux, inquiétants.

Au-delà du comique lié aux choix du fragment ou du lieu où il se trouve posé, c’est la position et  la possibilité de l’atrophie qui pourrait déstabiliser. Les images sont simultanément très construites et incompatibles. Que le corps soit entier ou fragmenté, il place d’emblée le regardeur, sans échappatoire possible, mais avec la grâce du décalage, dans une position de regardeur questionnant le récit comme vecteur des relations sociales. Avec en point d’exergue ou en extra, la question de ce que pourrait signifier d’être blanc dans le contexte de la nouvelle Afrique du Sud.

Back

Candice Breitz

23
Bij Nelly Bruneel
Ferme du Rond-Chêne
Rue du Culot 58
Tourinnes-la-Grosse


Extra, 2011. Single-Channel Video / Courtesy: KOW, Berlijn

Een eigenaardige gewaarwording nestelt zich onbetamelijk in de interstities van het goed geoliede verhaal van de televisieserie (Generations, uitgezonden sinds 1994, het jaar waarin Zuid Afrika een democratie werd) over de zwarte middenklasse na de apartheid.

Een blanke figurante kijkt naar de zwarte personages, stelt vragen of maakt spottende opmerkingen. Zij zien haar niet …. Ze merken de vrouw niet op die op het scherm van de zitkamer een omkering uitvoert van de audiovisuele, institutionele uitzendingen  uit de tijd van de apartheid. Ze voelen die intrigerende aanwezigheid niet die de legitimiteit van het verhaal in vraag stelt. Wel stoort ze de kijker wiens blik zich op haar focaliseert. De vreemde houdingen van haar lichaam zijn subtiel maar vaak pijnlijk.

Ze openen ondergrondse wegen naar het verhaal. De delen van het lichaam zijn verontrustend. Los van het komisch effect van de keuze van het lichaamsdeel of de plaats waar het zich bevindt, werkt de positie ervan en de mogelijke atrofie destabiliserend. De beelden zijn heel bewust opgebouwd en tegelijk onverenigbaar.

Of het nu gaat om een lichaamsdeel of om het hele lichaam, de kijker wordt van meet af aan , zonder mogelijke uitweg, ertoe genoopt vragen te stellen bij het verhaal als vector van de sociale betrekkingen. Met als orgelpunt, of als extra, de vraag wat het zou kunnen betekenen blank te zijn in de context van het nieuw Zuid Afrika.