Hedendaagse kunst

Delen met elkaar
De mens in zijn territorium

De tekening is ontstaan als een noodzakelijke evidentie.

Al van bij haar oorsprong verwijst ze in wezen naar haar broosheid, als een echo van de kwetsbaarheid van de mens, die voortdurend wordt blootgesteld aan bedreigingen in alle mogelijke vormen.

Bekalkte muren, bedekte ramen, eeuwenlang uitgesleten plaveisel en steen, heel kleine of juist heel grote heilige en geheime ruimten, evenzovele dragers en volumes die doen denken aan witte bladen, leien, tabletten en wanden die uitnodigen om ermee aan de slag te gaan.

Een twaalftal kunstenaars uit verschillende disciplines uit Frankrijk, België en San Marino, zowel jongeren als gevestigde namen, die de tekening als techniek kozen, gingen vanaf 2020 in op de oproep om iets te maken op gelijkwelke drager. Een vereiste was dat ze akkoord gingen met de vergankelijke aard van hun bijdrage, op tentoonstellingsocaties zonder de noodzakelijke omstandigheden om tekeningen te bewaren.

Uitgangsidee voor de notie ‘delen met elkaar’ was de figuur van Sint-Martinus, die toch de belichaming is van een kwetsbare kracht en die op onnavolgbare wijze symbool staat voor delen.

En toen viel alles stil door de coronapandemie en werd nog duidelijker zichtbaar hoe kwetsbaar de wereld is waarin wij leven. En werd het nog dringender om op te komen voor al wat leeft.

In 2021 bleek de keuze voor de tekening meer dan ooit een geschikte keuze: de tekening als weergave van een wereld die bedreigd wordt door het oneindig kleine dat moet worden overwonnen; de tekening als een weerspiegeling van haar vluchtige aard die moet worden uitgedaagd; de tekening als een spontaan antwoord op de ontmenselijking dat moet worden uitgeprobeerd; de tekening in al haar vormen, als bij uitstek menselijke gebieden die kunnen worden onderzocht, en waar menselijk en vermenselijkend werk kan worden geleverd door een vorm te geven aan de chaos.

Iedereen samen op de graanzolder van Wahenge

De kunstenaars die aan deze editie meewerken zijn met het thema ‘delen’ aan de slag gegaan in hun producties – solo of in duo – maar ook in de manier waarop ze de tentoonstellingsruimten die ze ter beschikking kregen hebben benut. Bij het voorbereidend bezoek aan de graanzolder van Wahenge kwamen ze onder de indruk van de gigantische omvang van deze landbouwkathedraal en hebben ze die ruimte gebruikt en ‘getemd’ door die met elkaar te delen. Het resultaat: de bezoeker krijgt een panoptisch zicht op hun meervoudige en verenigde artistieke verkenningen. Ze verkregen dat resultaat door gebruik te maken van de aristotelische regel van de drie eenheden, die Nicolas Boileau voor het klassieke theater herformuleerde: eenheid van tijd, plaats en handeling. Aldus ontstond de esthetische samenhang van dit kunstenaarscollectief dat zich liet leiden door het idee van delen en waar ze zelf plezier in schepten – en waar ook het publiek zal van genieten.

De rode draad

Op voorstel van Nathalie Van de Walle kon elke beeldend kunstenaar vrijelijk aan de slag gaan met een afdruk van haar gravures op het vierkante formaat 230 mm x 230 mm.

De bezoekers zullen die creaties in de verschillende tentoonstellingsruimten van de Kunstexpo vinden. Een uitdagende zoektocht wacht hen.

Véronique Poppe & Christian Rolet, curatoren
Régine Vandamme, schrijfster in de kantlijnen

De Curatoren

Véronique Poppe en Christian Rolet, curatoren © Gordon War

Véronique Poppe & Christian Rolet hebben elk een eigen oeuvre maar sinds 2014 werken ze in duo verder. Het samenbrengen van hun werelden leidt tot intieme beelden en tot vragen: wie begint er, wie werkt af? Waar zitten de lijnen, waar de kleuren? Wat geeft betekenis: de vorm, de achtergrond, de locatie? Wat roept de ingreep van de ander al dan niet op?

Christian Rolet was er al bij toen het avontuur van de Hedendaags Kunstexpo’s begon. Van meet af aan nodigde hij andere kunstenaars uit om samen met hem tentoon te stellen, en zo baande hij het pad voor de gezamenlijke trajecten. Elodie Moreau, die tijdens deze 55ste editie een duo vormt met Raphaël Decoster, was er ook al bij, toen nog als studente.

“In het werk van Véronique Poppe wordt alles discreet met elkaar verbonden. Eenvoudige lijnen die aansluiten op de volgende lijnen verdichten voortdurend het verband tussen de beelden. En zo staat alles in een licht dat elke schets tooit met een haast irreële aureool die tegelijk heel reëel is.”

Roger Pierre Turine

In de kantlijn van het officiële hedendaagse kunstexpo’s
Speciale editie voor de 55ste Fêtes de la Saint-Martin
INSTITUT LA PROVIDENCE (Wavre)
LYCÉE MARTIN V (Louvain-la-Neuve)

Gedeelde jassen: aan elkaar gegeven stukken

Opnieuw de daad van het delen: naar het voorbeeld van Sint-Martinus, die de helft van zijn mantel weggeeft, hebben twee klassen van twee scholen op twee verschillende manieren dat delen uitgebeeld en elkaar zo ontmoet.

Het vertrekpunt was telkens een jas die toebehoorde aan een leerling van het vijfde jaar (optie extra Franse literatuur) van het Institut de la Providence in Waver, of die aan een familielid had toebehoord. Op basis daarvan verzonnen ze verhalen, geheimen en dromen. Met die teksten maakten de leerlingen van het vijfde jaar (optie kunst) van het Lycée Martin V uit Louvain-la-Neuve tekeningen, door de vormen te rangschikken en ze opnieuw samen te stellen, zoals stukken stof. De tekeningen dienden op hun beurt als basis voor gravures. Teksten en gravures werden verzameld in een uitgave.

De potloden waarmee werd geschreven en getekend lieten zien hoe uniek en intiem een jas is, en dat die toch een universeel karakter heeft.

De uitgave wordt aan het onthaal samen met de catalogus aangeboden.